Veelbelovende start voor Belgische 'windmolenmosselen' | Aquacultuur vlaanderen

Veelbelovende start voor Belgische 'windmolenmosselen'

Voor het eerst zijn er mosselen geoogst in windturbineparken voor de Belgische kust, laat de Universiteit Gent weten. Sinds een jaar wordt de haalbaarheid van mosselkweek getest in de offshore windturbineparken, 30 tot 50 kilometer voor de kust. Dit heeft geleid tot een eerste, beperkte oogst van 67 kilogram. “Een veelbelovende start”, aldus de Universiteit Gent, die voor het proefproject samenwerkt met enkele private partners en twee overheidsonderzoekinstellingen (ILVO en OD Natuur).

"Onze mosselen worden in volle zee gekweekt volgens de hangcultuurmethode, wat ervoor zorgt dat ze sneller groeien dan bodemcultuurmosselen en een zeer hoog vleesgehalte hebben”, vertelt Willy Versluys, zaakvoerder van partner Brevisco. “Natuurlijk mosselzaad is voor de ganse Belgische kust terug te vinden. De uitdaging bestaat er echter in om dit mosselzaad in te vangen met speciaal ontworpen structuren die meegaan met de dynamiek van onze woeste Noordzee in plaats van die te proberen onderdrukken."

Uit de eerste projectresultaten blijkt alvast dat er in de offshore windparken voldoende voedsel aanwezig is om mosselproductie mogelijk te maken. Dat wordt ook bevestigd door analyse van de waterstalen.

Vorig jaar ging het project van start met de tewaterlating van een eerste mosselkweekinstallatie in het windturbinepark van C-Power. Een tweede installatie volgde in november 2017, ditmaal in het windpark van Belwind. Beide installaties bestaan uit een draagtouw ('backbone') van een vijftigtal meter lang, dat tussen twee verankerde boeien drijvend wordt gehouden en waaraan 140 meter 'mosselsok' hangt, een lange kous waarbinnen mosselen zich kunnen vasthechten om uit te groeien tot volwassen, consumptieklare mosselen. Het groeiproces duurt zo'n jaar.

De eerste installatie (de ‘biolijn’) dient om de mosselgroei op te volgen. Een tweede productiecyclus werd er opgestart in mei 2018, en opnieuw zullen onderzoekers nauwgezet opvolgen hoeveel mosselzaad er ingevangen wordt en hoe snel de Belgische mosselen groeien. De tweede installatie (de ‘krachtlijn’) dient om de krachten, zoals golven en getijden, uitgeoefend op het systeem te meten. De geregistreerde data worden gebruikt om het prototype mosselkweeksysteem op punt te kunnen stellen.

Bron: vilt